Hoogte van de ontslagvergoeding
De hoogte van de ontslagvergoeding of gouden handdruk komt vaak op één van de onderstaande manieren tot stand:
Ontslagvergoeding na onderling overleg
Wanneer uw werkgever, in overleg met u, besluit de arbeidsovereenkomst niet langer te willen voortzetten, dan is een ontslagvergoeding vaak aan de orde. De ontslagvergoeding heeft dan vaak een dermate omvang dat het voor u interessant is met de beeindiging van de overeenkomst in te stemmen.
Ontslagvergoeding met tussenkomst van een kantonrechter
Wilt uw werkgever afscheid van u nemen maar bent u het hier niet mee eens, dan is een gang naar de kantonrechter vaak de enige oplossing. De kantonrechter zal vervolgens beoordelen of het ontslag doorgang kan vinden en hoe hoog de eventuele ontslagvergoeding zal moeten zijn.
Ontslagvergoeding op basis van een sociaal plan
Bij veel 'grote' reorganisaties wordt door de werkgever een aanvraag ingediend bij het CWI. Het CWI zal een oordeel geven over de reorganisatie en over het eventuele ontslag van werknemers. Vaak is door de werkgever vooraf toestemming gevraagd voor de reorganisatie aan de OR en de vakbond. Deze partijen gaan vaak alleen akkoord met de reorganisatie op het moment dat er een 'goed' sociaal plan aanwezig is. In dit sociaal plan staat vaak een financiele paragraaf, waarin staat beschreven of en op welke manier de ontslagvergoeding zal worden berekend.
Kantonrechtersformule
Het bepalen van de hoogte van de ontslagvergoeding geschiedt vaak op basis van de kantonrechtersformule.
De kantonrechtersformule luidt als volgt: A x B x C
waarbij:
A: de hoogte van het (vaste) bruto salaris
B: Het aantal gewogen dienstjaren*
C: De correctiefactor (vaak 1)
De gewogen dienstjaren worden als volgt berekend:
- tot 40 jaar is ieder gewerkt jaar = 1
- tot 50 jaar is ieder gewerkt jaar = 1,5
- boven de 50 jaar is ieder gewerkt jaar = 2

